Waar heeft hij de moed en de kracht vandaan gehaald
om de beschermende muren van zijn klooster
en het land en de cultuur die hem vertrouwd waren te verlaten
en zich op weg te begeven naar den vreemde?
Het was voor die tijd een lange en barre tocht.
Er waren toen nog geen auto’s, treinen, vliegtuigen of Ferries.
Ook al was er enige verwantschap tussen hun taal en die van de overkant,
er was toch een wereld van verschil.


En het Kerklatijn was al helemaal onbegrijpelijk in die nieuwe gebieden.
Hij was 30 jaar en niet dom.
Hij had gezien dat verschillende Ierse monniken
die deze grote sprong hadden gewaagd
moeizaam of zelfs helemaal niet waren geslaagd in hun missie.
En toch vertrok Willibrord op peregrinatio,
maar niet alleen.
Net als de apostelen liet hij zich uitzenden met z’n twaalf,
als nieuwe apostelen in een nieuwe tijd.
Hij begaf zich met hen naar de randen van het Frankische Rijk
dat reeds gekerstend was.
Daar genoot hij van de bescherming van de Frankische vorst Pepijn.
Tot twee keer toe trok Willibrord naar Rome,
eerst voor de pauselijke zegen over zijn missie,
later om tot bisschop te worden gewijd.
Het was geen bevlieging die peregrinatio, maar doordacht.
Zo baande hij zich stap voor stap met zijn gezellen een weg naar en door Friesland.
Kende hij toen de taal? Welneen.
Elk gebied kende zijn eigen taal;
hij heeft zich al die talen geleidelijk aan moeten eigen maken.
Maar, er bestaat nog een andere taal.
De taal van de tekenen.
Tekenen van geloof en van Gods liefde.
Had Jezus daar niet Zèlf over gesproken
toen Hij zijn leerlingen had uitgezonden naar de uiteinden der aarde?
Tekenen die hun woorden zouden vergezellen.
En wat waren dan die tekenen?
Het kwaad en de waanzin met de kracht van Gods liefde verdrijven.
De zieken bemoedigen en troosten,
misschien wel het meest zonder woorden, vooral met tedere handen.
Of zoals in de Hebreeënbrief staat: elkaar goed doen en helpen.
Tekenen van naastenliefde die het hart doen branden van medemensen.
Tekenen die de vraag oproepen: waar komt die liefde toch vandaan?
De taal van oprechte naastenliefde spreekt en getuigt ook zonder woorden van Gods liefde.
De blijde boodschap vindt haar weg
via de weg van de vreugde die gebracht wordt,
via de weg van de troost en de reddende nabijheid die worden ervaren.
Daar ligt de humus, de vruchtbare bodem voor de boodschap van Godswege.
Was het een successtory? Ja en neen.
Ja, het christelijk geloof heeft voet aan de grond gekregen
in Friesland en in heel het gebied dat vandaag Nederland heet.
Willibrord wordt geëerd als dé vader van het christelijk geloof in Nederland.
Maar er waren ook momenten van mislukking en frustratie.
Toen Pepijn stierf, zag vorst Radboud in Friesland zijn kans
om vele kerken te vernielen en het christelijk geloof de kop in te drukken.
Willibrord heeft zeker weten het verdriet van mislukking gekend.
Dat brengt mij bij de eerste lezing van vandaag.
Daar treuren en huilen mensen om een groot verlies.
Hun tempel in Jeruzalem is met de grond gelijk gemaakt.
Notabelen, intellectuelen, ook gewoon volk is weggevoerd naar Babylonië.
Daar worden ze nu al zovele jaren gedwongen te leven
in een land en cultuur die hen vreemd is.
En dan is er ineens het goede nieuws dat vrede, vreugde en redding verkondigt.
God laat hen niet in de steek.
Niet gisteren, niet vandaag, niet in de eeuwigheid.

Afgelopen periode heb ik ook mensen letterlijk zien huilen.
Huilen en boos worden om het pastorale team dat volledig vervangen wordt.
Heel begrijpelijk. Dat doet pijn.
Want in de loop van de tijd ontstaat er onderlinge verbondenheid en vertrouwdheid.
Vandaag is er een nieuwe start.
Pater Antony en pater Igo zijn net als Willibrord jonge dertigers.
Ze hebben hun land, hun cultuur, hun familie achtergelaten
voor een peregrinatio naar den vreemde.
Wat heeft hen de moed en de kracht gegeven om dit te doen?
Bij de een meer dan de ander kost de Nederlandse taal nu nog moeite om te spreken.
Dat vraagt geduld, maar ook de hulp van ons allemaal.
Krijgen zij beiden bij ons de ruimte om vooral nu, in de eerste plaats,
de taal van Gods vreugde en liefde te laten klinken?
Die taal is universeel.
Met die taal kunnen we elkaars hart raken,
kunnen we veel meer van elkaar begrijpen dan in woorden is uit te drukken.
Zijn wij in staat samen, als kinderen van God,
als broers en zussen in geloof elkaar op te vangen en te steunen?
Zijn wij in staat de vreugde van het evangelie te beleven met elkaar?
Dat gaat niet vanzelf, daar moeten wij allemaal wat voor doen.
Met wat je voor elkaar in geloof en in liefde kunt betekenen,
kun je ook mensen die niet gelovig zijn op een bepaald moment raken tot in het hart.
Ik hoop en wens van harte dat jullie samen
de kracht van het geloof mogen ontdekken en doorgeven.
God laat ons niet in de steek.
Niet gisteren, niet vandaag, niet in de eeuwigheid.
Amen.

Pastor Petra

designed by PJM Rademakers